Als we het dorp santa Elena verlaten, op weg naar het zuiden, blijkt al heel snel dat de eerste tientallen kilometers weer onverhard zijn en nog flink bergafwaarts ook. Het stikt weer van de gaten in de weg, dus het is weer lekker hobbelen. Gelukkig is het landschap prachtig, dat maakt weer veel goed. (Barth:"prachtig landschap? Weinig van gezien... ik zag anderhalf uur alleen maar héél veel gaten waar ik snel omheen moest laveren. Extreem goeie oefening trouwens... ") Als we eenmaal weer op de geasfalteerde weg zitten stoppen we even voor een milkshake met een stuk kokostaart. Niet veel later rijden we Pan American Highway op of, zoals de Costa Ricanen de weg noemen: "Via Muerta" (weg van de dood). En dat begrijpen we direct, want het verkeer op deze beroemde weg die vanuit Mexico door Guatemala, Honduras, Nicaragua, Costa Rica, Panama, Colombia, Ecuador, Peru en Chiki naar de meest zuidelijk punt van Zuid-Amerika voert, Ushuaia in Argentinië, is beslist niet kinderachtig. Enorme vrachtwagens strijden om het asfalt met personenwagens: drie maal raden wie er wint...
We zijn dan ook blij als we van deze weg af mogen. Helaas kent onze huur-GPS (een Garmin met toeristen kaart van Costa Rica, bij iedere bezienswaardigheid wordt een verhaaltje verteld door een zeer kunstmatig klinkende dame) de nieuwe weg nog niet waardoor we een kilometer of veertig omrijden. Maar dan zitten we dan ook op de goede weg en even later bereiken we de kust van de Stille Oceaan.
Niet veel later bereiken we de Rio Tárcoles brug, ook wel de Crocodile Bridge genoemd. Vanaf deze brug zijn op de oevers wel tot dertig Amerikaanse krokodillen te zien. Er wordt echter in de Lonely Planet gewaarschuwd voor inbraken in auto's als de toeristen argeloos over de reling van de brug zich vergapen aan de crocs. En ook al staat er tegenwoordig altijd politie bij de brug, toch blijven de inbraken doorgaan. Dus besluiten wij om beurten de krokodillen te bewonderen. We hebben teveel kostbaarheden aan boord om risico's te nemen. Ik loop eerst de brug op. En inderdaad, er drijven een stuk of tien enorme (en lelijke) krokodillen in het water. Ze liggen doodstil. En aangezien niemand toevallig dode kippen of een kleine geit in de auto heeft komen ze ook niet in beweging. Ik heb nog het geluk dat als ik naar de andere kant van de brug loop ik er eentje van de oever af zie glijden het water in maar Barth, die na mij gaat, ziet ze slechts drijven. Als we even later doorrijden zien we inderdaad een motoragent staan die de brug in de gaten houdt.
Een paar kilometer verderop zien we ons doel voor morgenvroeg: Parque Nacional Carara. Hier hopen we morgen enkele blauwe macaws te zien tijdens een ochtendhike. Nu eerst een hotelkamer zien te vinden. We rijden de verharde weg af richting het slaperige Tico-dorpje Tárcoles. Hier zien we Villa Suniy Daze, een klein B&B. Het ziet er erg knus uit maar helaas zit het hek dicht. Het lijkt alsof ze niet in business zijn. Barth wil alweer in de auto stappen als er een blonde vrouw naar het hek komt. Het blijkt de Amerikaanse Sunni te zijn, de eigenaresse van dit "aparthotel". Ze heeft een kamer of een appartement voor ons, we kiezen de laatste. Ze vertelt ons dat er nog wel eens macaws in de hoge boom voor het huis zitten maar dat ze sowieso vaak over het huis vliegen, je hoort ze al van verre aankomen. Duimen dus maar!
Na even wat gegeten te hebben en te zijn afgekoeld (het is buiten 32 graden) klimmen we gewapend met fototoestel naar het dakterras. We zijn nog niet boven of er komen twee fel rood-blauw-gele macaws aanvliegen, gevolgd door nog vier. Ze strijken allemaal neer in de grote boom voor het huis, precies zoals Sunni zei. We prijzen ons al gelukkig dat we ze vanaf een meter of vijftig afstand konden zien als ze stuk voor stuk naar een kleinere boom pal voor het huis vliegen. We draven naar beneden en daar zitten ze met z'n allen, te snoepen van de pitten van een (voor ons onbekende) vrucht, nog geen vijf meter hoog. Ik kan mijn geluk niet op, zoveel prachtige papagaaien zo dichtbij!!! We fotograferen en filmen ons helemaal te pletter tot ze, volledig volgevreten, verder vliegen, naar verluid naar de mangrovebossen verderop. We horen ze in de verte nog schreeuwen als afscheid en dan wordt het stil. Wat een ervaring!!! Eenmaal weer in ons appartement bekijken we de oogst, zowel de foto's als de video zijn prachtig geworden, we hoeven morgen helemaal niet meer naar Carara ;-)
We besluiten naar de oceaan te wandelen. Tárcoles blijkt een vriendelijk dorp, iedereen groet ons. Het leven speelt zich weinig verrassend af op het strand. Er liggen veel boten en er hangen netten te drogen en er worden netten geboet. We wandelen wat over het strand en dan ontdek ik een bruine pelikaan in een boom. Helaas vliegt deze snel op maar op hetzelfde moment komt er over een klein beekje een andere pelikaan aangezwommen. Trots poseert hij voor ons en zwemt wat heen en weer alvorens een korte vlucht naar de zee te maken. Daar verdwijnt hij richting ondergaande zon. Dan ontdekken we onder de bomen een poeltje vol met ooiveaars, volgens het boek van Oike zijn het Wood Storks. Er zijn er tientallen, in de bomen en op de grond. Ook zitten er zwarte gieren. Af en toe komen er weer paartjes macaws overvliegen. Boven zee vliegen, blijkt bij het vergelijken van de foto's met de vogels in het boek, enkele fregatvogels. Wat een enorm geluk dat we hier "geland" zijn vanmiddag!
Als de zon langzaam ondergaat wandelen we terug naar Villa Sunni. Wat weer een prachtige dag. Vanmiddag in de auto dachten we nog met Tortuguero misschien wel het mooiste deel aan het begin te hebben gezien maar wat we vanmiddag gezien hebben evenaart Tortugero zeker. Kan niet wachten tot ik morgen om zes uur weer op mag staan!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten